Javascript is requiredVoorraden zitten herstel zuivelmarkt in de weg - ABN AMRO

Voorraden zitten herstel zuivelmarkt in de weg

Een mondiaal overaanbod van rauwe melk tergt de zuivelmarkt. Terwijl de melkproductie maar langzaam afneemt blijft prijsherstel uit doordat er forse voorraden van boter en kaas zijn aangelegd. Melkveehouders hebben een sterke inkomensdip weten te voorkomen als gevolg van hogere melkproductie en vee-inkomsten. De gemiddelde liquiditeitspositie daalde in de eerste zes maanden van 2026 met 13.000 euro tot 119.000 euro.

Download het complete rapport

Lees alle feiten en ontwikkelingen in het rapport 'Voorraden zitten herstel zuivelmarkt in de weg'.

In maart van dit jaar bereikte de Nederlandse melkproductie een hoogterecord. Terwijl het aantal koeien al enkele jaren afneemt, steeg de productie naar 1,264 miljard liter melk. Dit beeld zien we in heel Europa. De piek in melkproductie kent verschillende redenen. Allereerst zorgde de hoge melkprijs in 2024/2025 ervoor dat melkveehouders hun productie hebben opgeschroefd door het vee langer aan te houden. De productie per koe steeg bovendien door extra krachtvoer en de hoge kwaliteit van ruwvoer. Tot slot zorgde blauwtong, een dierziekte, voor een verstoring in de lactatie, de periode waarin koeien melk geven, waardoor de voorjaarspiek deels is verschoven naar het najaar.

Krimp veestapel doet op zich wachten

Ook buiten Europa lag de melkproductie hoog, waardoor de melkprijs een duikvlucht nam (zie figuur 2). De bodem ligt inmiddels achter ons, maar de melkprijs ligt nog altijd onder de kostprijs van melkveehouders. De internationale zuivelmarkt doet een poging om in balans te komen. Desalniettemin bleef het Europese aanbod in de eerste helft van 2026 hoog en neemt de productie maar langzaam af. Het zou voor de hand liggen dat melkveehouders koeien eerder naar de slacht brengen en dat dus de veestapel krimpt, gezien de verder gedaalde verhouding tussen melkinkomsten en voerkosten, een veelgebruikte ratio in de in de Verengde Staten en in mindere mate in Duitsland, Frankrijk en Ierland. Echter, de hoge prijzen voor rundvlees en kalveren stuwen de vee-inkomsten van melkveehouders. Dit compenseert voor de prijsval van rauwe melk, waardoor zij melkkoeien blijven aanhouden en de melkproductie hoog blijft.

In Nederland is de melkproductie traditioneel relatief ongevoelig voor schommelingen in de melkprijs. Bovendien zorgt de angst van melkveehouders dat 2026 een peiljaar is voor toekomstige normering in het kader van nieuwe stikstofmaatregelen, ervoor dat de boer zijn stal liever wat voller heeft staan. Dit effect is substantieel en compenseert de maatregelen, zoals de Landelijke beëindigingsregelingen veehouderijlocaties (Lbv(+), waarmee de overheid beoogt de stikstofuitstoot te laten krimpen. In aanvulling op de Lbv(+) heeft de overheid voor de melkveehouderij een nieuwe regeling opengesteld, de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem). Daarmee kunnen fosfaatrechten, die nodig zijn om melkvee te houden, uit de markt worden genomen. Bij volledig gebruik van het budget kan 4 procent van de melkveestapel worden opgekocht. ABN AMRO verwacht niet dat deze nieuwe regeling volledig benut zal worden. Daarvoor is de vergoeding waarschijnlijk niet aantrekkelijk genoeg.

Hitte in Europa kan overaanbod dempen

Europa wordt geteisterd door een warme zomer die een negatief effect heeft op de melkproductie per koe. Nederlandse zuivelverwerkers melden 10 tot 20 procent minder melk te hebben opgehaald tijdens de hittegolf in juni. Een hittegolf is natuurlijk niet iets nieuws. Het hitte-effect komt elke zomer voor. Echter, de hittegolf van juni was met 12 dagen de langste van de afgelopen 5 jaar . Daarnaast bericht het KNMI dat de zomer van 2026, die nog niet eens is afgelopen, nu al tot de 5 procent droogste jaren. Behoort. De hitte in combinatie met droogte kan bovendien de kwaliteit van ruwvoer verlagen waardoor de melkproductie later in het jaar lager kan uitvallen. Het is echter nog te vroeg om hier harde uitspraken over te doen.

Voorraden belemmeren herstel

Een daling in de melkproductie is noodzakelijk om de zuivelmarkt in balans te krijgen. Maar zelfs bij een daling van de melkproductie kan het herstel nog enkele maanden duren. De lage melkprijzen hebben er namelijk voor gezorgd dat verwerkers ruime voorraden zijn aangelegd vanaf oktober 2025. Publieke data over zuivelvoorraden zijn schaars. Maar handelaren en verwerkers geven aan dat voorraden in boter en kaas fors zijn. De voorraden moeten de komende maanden verkocht worden en zitten prijsherstel in de weg. Boter kan tot twee jaar worden aangehouden in vrieshuizen. Bij kaas is voorraadvorming minder flexibel; de snij-kwaliteit daalt al na 6 weken.

Nieuwe vraag naar eiwitten

Het is niet alleen maar kommer en kwel in de zuivelmarkt. De figuur hieronder geeft de Europese prijzen voor verschillende zuivelproducten weer. In de zuivelmarkt is duidelijk sprake van een tweedeling. Vetrijke producten, zoals boter (-48 procent ten opzichte van een jaar eerder), volle melkpoeders (WMP; -26 procent) en kaas (-21 procent), hebben fors aan waarde ingeboet. Eiwitrijke producten zoals wei (+40 procent) en magere melkpoeders (SMP; +9 procent) zijn daarentegen in waarde gestegen.

Proteïne-boom waait over uit de Verenigde Staten (VS)

Eiwitpoeders en eiwit-verrijkt voedsel zijn enorm populair onder consumenten. Dit komt enerzijds voort uit een fitness-hype waarbij veel sportvoeding wordt geconsumeerd. Anderzijds zorgen afslankmiddelen, zogenoemde GLP-1-remmers zoals die bijvoorbeeld in het middel Ozempic zitten, voor extra vraag. Gebruikers van GLP-1-remmers worden geadviseerd om meer eiwitten te consumeren om te voorkomen dat hun spiermassa te snel afneemt.

De VS lopen voorop in de proteïne-boom. Het gebruik van GLP-1-remmers ligt in de VS naar verwachting rond de 15 procent van de bevolking terwijl dit in Europa rond de 2 procent ligt. De Amerikaanse overheid heeft bovendien de ‘Amerikaanse schijf-van-vijf’ aangepast waarbij de geadviseerde hoeveelheid eiwit is verdubbeld. Als reactie passen voedingsmiddelenproducenten in de VS hun productaanbod in rap tempo aan. Wei en magere melkpoeder zijn zeer geschikte eiwitbronnen.

Het einde van de eiwit-trend lijkt nog niet voorbij. Momenteel worden GLP-1-remmers nog via een injectie toegediend. Recent is een tabletvorm op de markt gebracht waarmee de barrière voor afslankmedicatie verder wordt verlaagd. De Amerikaanse markt is over het algemeen gevoeliger voor hypes, maar onze verwachting is dat deze eiwit-trend ook in Europa doorzet.

De hoge vraag naar eiwit is een opsteker voor de zuivelsector. Wei was een decennia geleden immers een restproduct van kaas, maar is uitgegroeid tot een robuuste inkomstenstroom. Het is echter onwaarschijnlijk dat de eiwithype de hele zuivelmarkt uit het slop trekt; het overgrote deel van rauwe melk wordt namelijk gebruikt voor de productie van vetrijke producten zoals kaas en boter.

Export trekt aan

De proteïne-groei in de VS zien we ook terug in de Europese export statistieken. De VS importeren 12 procent meer zuivelproducten uit Europa in de eerste 5 maanden van 2026 om aan de binnenlandse vraag te kunnen voldoen. Ondanks een ongunstig exportklimaat met een in waarde stijgende euro en stijgende container- en brandstofprijzen, als gevolg van de oorlog in Iran, wist de zuivelindustrie meer zuivelproducten te exporteren. Met name de lagere prijzen voor boter en kaas zijn een stimulans voor hogere exportvolumes, al blijft ook yoghurt onverminderd populair. Europese zuivel vindt zijn weg hoofdzakelijk naar het Verenigde Koninkrijk en China (zie tabel 1), al neemt de vraag het sterkste toe vanuit de VS, Azië (exclusief China) en het Midden-Oosten. De export naar China loopt overigens wel fors terug als gevolg van importheffingen op zuivel die zijn ingesteld als reactie op de oplopende handelsspanningen tussen China en de Europese Unie. De heffing is van toepassing op kaas, melk- en roomproducten en niet op melkpoeders.

Vooruitzichten lange termijn zijn gunstig

De mondiale vraag naar zuivel blijft onverminderd hoog en neemt richting 2034 met 21 procent toe, zo verwacht de FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties. De opkomst van hybride producten, waarbij zuivel wordt gemengd met plantaardige alternatieven, heeft een dempende werking op de vraag. Desondanks blijft ABN AMRO van mening dat de vooruitzichten op de lange termijn voor de zuivelmarkt gunstig zijn. De sector bewijst elke keer weer om melk beter te verwaarden door in te spelen op consumentenhypes als sportvoeding en speciale toepassingen voor bijvoorbeeld ouderen of de zorg. De groeiende mondiale welvaart en vergrijzing stuwen deze markten.

ABN AMRO verwacht dat de huidige malaise in zuivelmarkt tijdelijk is. De eerste signalen wijzen erop dat dat de overproductie van melk langzaam afneemt. Gegeven de krimpende veestapel en de uitzonderlijk hoge productie in de tweede helft van 2025 verwachten wij dat de jaar-op-jaar volumecijfers komend halfjaar lager uitvallen. Dit betekent overigens niet dat de zuivelprijzen direct reageren: de opgebouwde voorraden van onder meer boter en kaas zullen het prijsherstel in de tweede helft van blijven 2026 drukken. De hogere exportvolumes zijn daarbij dan weer hoopgevend; hoe meer Europa kan exporteren, des te sneller zijn voorraden weggewerkt.

De timing van het herstel is lastig te bepalen. De prijs van kaas is daarbij een belangrijke indicator doordat de doorlooptijden van de voorraden relatief hoog zijn en ongeveer de helft van de melkaanvoer voor kaas wordt gebruikt. Herstel van kaasprijs zal ook de melkprijs laten stijgen. Boter blijft gezien ruime voorraden en lange houdbaarheid naar onze verwachting nog langere tijd op een laag prijsniveau. De proteïne-boom en de hoge vee-inkomsten kunnen tot die tijd de financiële pijn voor respectievelijk zuivelverwerkers en melkveehouders enigszins verzachten. ABN AMRO verwacht dat de melkprijs rond de jaarwisseling richting de kritieke melkprijs zal bewegen.

Tot slot zijn er altijd onverwachte gebeurtenissen die de markt kunnen doen kantelen en verwachtingen onzeker maken. De mogelijke aanstaande El Niño, een weersfenomeen rond de Stille Oceaan, kan zo’n factor zijn. Het weersfenomeen kan de melkproductie in Latijns Amerika onder druk zetten. Anderzijds kan een mislukte sojaoogst de mondiale voerkosten doen stijgen.

Liquiditeitsmonitor melkvee: Inkomstenval melkveehouder blijft uit door hogere melkproductie en vee-inkomsten

De liquiditeitspositie van de Nederlandse melkveehouder daalde met 13.000 euro over de eerste helft van 2026 tot 119.000 euro, zo blijkt uit transactiedata van ABN AMRO waarbij meer dan 1.000 gespecialiseerde melkveebedrijven worden gevolgd. De liquiditeit, het bedrag dat op de rekening-courant staat, is een belangrijke graadmeter om te bepalen of een melkveehouder op korte termijn aan zijn verplichtingen kan voldoen. De liquiditeit staat historisch gezien op een bovengemiddeld niveau, dus een gemiddeld melkveebedrijf lijkt in staat om een financiële tegenslag zelfstandig op te vangen.

Een daling in de liquiditeit was te verwachten, maar een forse daling lijkt te zijn beperkt: de totale inkomsten over de eerste helft van 2026 liggen 6,5 procent lager dan over de zelfde periode een jaar eerder. De tegenvallende melkinkomsten per liter worden onder andere gecompenseerd door de hogere melkproductie per bedrijf (4-6 procent hoger dan het voorgaande jaar). Uit onze data blijkt verder dat vee-inkomsten (omzet en aanwas), als gevolg van krapte in de kalveren- en rundvleesmarkt, 15 procent hoger liggen ten opzichte van een jaar eerder. De vee-prijzen zijn momenteel wat aan het afkoelen, dus deze tijdelijk hogere inkomsten kunnen niet het gehele jaar de gederfde melkinkomsten dempen.

Aan de kostenkant hebben melkveehouders hun uitgaven beheersbaar weten te houden; in de eerste helft van het jaar stegen deze met slechts 1 procent. In tijden van hoge inflatie voor kunstmest en brandstof is dit een knappe prestatie. Onze verwachting is dat de uitgaven de komende periode alsnog stijgen doordat de facturen van de voorjaarsuitgaven en mestafzet nog moeten volgen. Melkveehouders hebben bovendien een flinke blauwe envelop van de ficus ontvangen doordat 2025 financieel een goed jaar was.

De mestmarkt blijft erg gespannen, al is er sprake van regionale verschillen waarbij de markt in het zuiden van het land enigszins afkoelt. Per 1 juni 2026 is de toepassing van Renure, een kunstmest gemaakt vanuit dierlijke mest, toegestaan. Toch zal deze innovatie de mestmarkt voorlopig niet verlichten, opschaling van de toepassing blijft achter als gevolg van de vastgelopen vergunningverlening. Positief is dat de Europese Commissie werkt aan een plan om digestaat, een restproduct dat vrijkomt bij vergisting van dierlijke mest, toe te staan als kunstmestvervanger.

Zolang de melkprijs onder kritieke melkprijs ligt, legt de gemiddelde melkveehouderij geld toe op de melkproductie. Elke cent onder de kritieke melkprijs resulteert in een verlies van grofweg 10.000 euro op jaarbasis, uitgaande van een gemiddeld melkveebedrijf dat circa 1 miljoen kilo melk per jaar produceert. Gezien de huidige robuuste financiële positie verwacht ABN AMRO dat veel melkveehouders de tijdelijke liquiditeitstekorten in 2026 kunnen opvangen.

ABN AMRO ondersteunt melkveehouders

Na positieve resultaten in 2025 kan 2026 als uitdagend worden ervaren voor Nederlandse melkveehouders. De combinatie van lagere melkprijzen, toenemende kosten, fiscale verplichtingen en onvoorspelbaar overheidsbeleid kunnen logischerwijs leiden tot onzekerheid voor u als ondernemer.

Over het algemeen zijn de reserves in de melkveehouderij solide, al kan dit in individuele gevallen afwijken, bijvoorbeeld als u recent heeft geïnvesteerd uit eigen middelen. Verwacht u liquiditeitsdruk? Neem dan tijdig contact op met uw relatiemanager. Wij denken graag met u mee over uw liquiditeitsplanning en bieden ondersteuning waar nodig.

Meer informatie

Lees alle feiten en ontwikkelingen in het rapport 'Voorraden zitten herstel zuivelmarkt in de weg'.

Lees verder in de agrarische sector

De agrarische sector in Nederland kenmerkt zich door hoge productiviteit en kwaliteit. Veel landen en organisaties zien Nederland daarom als agrarisch gidsland. Met een export van ruim EUR 100 miljard draagt de Nederlandse land- en tuinbouw sterk bij aan onze economie.

Bekijk alle artikelen

Lees ook

Financieren van de agrarische onderneming

Wij helpen dromen en ambities waar te maken. Ontdek onze mogelijkheden en zoek de financiering die bij je past. Vraag direct online aan of maak een afspraak met een adviseur.

Meld je gratis aan voor onze Insights nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van onze inzichten, tips en trends

Aanmelden